Genocide voorbij? Voor de Jezidi’s niet. Toch stuurt Nederland ze terug naar Irak

Jezidi’s overleefden slavernij, massamoord en genocide door IS. In Irak leven zij nog altijd in kampen en onder constante dreiging, terwijl Nederlandse IS-vrouwen hier alweer vrij rondlopen. Toch stuurt Nederland ze terug; een besluit dat onbegrijpelijk is en onmiddellijk moet worden teruggedraaid.

Iedere schrijver krijgt de vraag: welk verhaal is je het meest bijgebleven? Een standaardvraag, maar bij mij veroorzaakte het complete chaos in mijn hoofd. Want welk verhaal vat het best samen wat Jezidi’s is overkomen? Dat van het tienermeisje dat jarenlang door IS-strijders op slavenmarkten werd verkocht, door talloze extremisten werd verkracht en door hun vrouwen werd vernederd en als huisslaaf behandeld? Dat meisje dat jaren later met holle ogen in een armzalige tent ligt, compleet getraumatiseerd door IS?

Of de man die zijn vrouw en dochters kwijtraakte, wetende dat ze als vee werden verhandeld, en die voor mijn ogen in huilen uitbarstte. Of Majdal en andere jongens, uit de armen van hun moeders gerukt, getraind als kanonnenvoer voor IS. Of de duizenden mannen die massaal werden geëxecuteerd, de oudere vrouwen die werden vermoord omdat ze te oud waren om te verkopen, of de tienerjongens bij wie IS de oksels inspecteerde: een paar haren betekende de dood. Honderdduizenden overleefden de ontberingen op de berg Sinjar, maar leven sindsdien in armzalige tentenkampen in Iraaks-Koerdistan.

Alle verhalen zijn belangrijk, omdat ze samen het grotere plaatje laten zien: dat van genocide. Dat is precies wat IS voor ogen had toen zij, inmiddels meer dan tien jaar geleden, doelbewust de Jezidi’s aanvielen. Vernietiging door middel van executies, slavernij en een vorm van fysieke en geestelijke marteling die wij ons nauwelijks kunnen voorstellen – dat is wat de Jezidi’s is overkomen.

En dit zijn de mensen die Nederland terug gaat sturen.

Alleen al in Irak sprak ik met honderden Jezidi’s. Tel daar ontmoetingen in Amerika, Duitsland en Nederland bij op, evenals de vele contacten via sociale media, en je komt al snel uit op ruim duizend. Die verhalen ga ik hier niet opnieuw vertellen; daarvoor schreef ik Het vergeten volk: het verhaal van de Jezidi’s over de laatste genocide. Maar een paar dingen moet ik wel benoemen, want ik heb het idee dat besluitmakers nog altijd geen flauw idee hebben wie de Jezidi’s zijn en wat ze hebben meegemaakt.

Verraad door de buren

Jezidi’s zijn al eeuwenlang slachtoffer van genocide en massamoord, door hen ferman genoemd. Wat ik in vrijwel iedere tent, in ieder huis, op straat of online hoorde, was dit: dit was niet de eerste keer. ‘Wij zijn niet veilig in Irak, en dat zullen we nooit zijn.’ De verhalen over die in totaal 74 fermans gaan eeuwen terug: van de opkomst van de islam en het Ottomaanse Rijk tot aan zelfmoordaanslagen in de jaren nul van Al Qaida, waarbij honderden Jezidi’s omkwamen. En dan de laatste genocide door IS: de genadeklap voor het veiligheidsgevoel van deze eeuwenoude etnisch-religieuze minderheid.

Niet alleen vanwege de tienduizenden IS-leden die massamoord en slavernij uitvoerden, maar vooral vanwege wie er allemaal bij betrokken waren. Islamitische buren leverden Jezidi’s uit. Leraren kochten Jezidi-meisjes aan wie zij ooit les hadden gegeven. Kennissen bleken zich in het geheim bij IS te hebben aangesloten. Landgenoten, misschien zelfs vrienden, die hen keihard hebben verraden.

‘Hoe kunnen we ooit samenleven met dezelfde buren die jouw vrouw, dochter of nicht hebben verkracht, en je vader, oom en broers hebben vermoord?’ Niet de uitspraak van één persoon. Ik hoorde dit in iedere tent, in ieder huis, van Jezidi’s van jong tot oud. Ja, tenten inderdaad, of tenten die met stenen, spaanplaten en ander materiaal zijn omgebouwd tot iets wat op een huis moet lijken. Zo leven nog altijd honderdduizenden Jezidi’s in Iraaks-Koerdistan, waar zij massaal naartoe zijn gevlucht.

Terug naar Sinjar kunnen zij niet. Het gebied ligt grotendeels in puin. Verschillende milities en regeringstroepen strijden om de controle over dit strategische gebied. Van serieuze wederopbouw is nauwelijks sprake, ondanks de aanzienlijke bedragen die zowel de Iraakse als de Koerdische regering ontvingen van de internationale gemeenschap: geld dat grotendeels verdween in de zakken van corrupte ambtenaren.

En al zouden ze terug kunnen, wat is er om naar terug te keren? Bijna honderd massagraven, waarvan veel nog onderzocht moeten worden. De geest van dode of vermiste dierbaren die overal lijkt rond te hangen. En de herinneringen aan de donkerste periode die de Jezidische gemeenschap ooit heeft meegemaakt.

Dus blijven de meesten in de kampen in Iraaks-Koerdistan. Kampen die ik in de tientallen keren dat ik er door de jaren heen kwam nauwelijks heb zien veranderen. Met één uitzondering: de laatste keer dat ik er was, kwamen voor het eerst mensen naar me toe om te bedelen. Jezidi’s zijn een trots volk. Dat ze dit doen, zegt alles over de wanhoop.

Terug naar de kampen

Jezidi’s in Irak hebben veel minder kans op goed onderwijs, kunnen nauwelijks goedbetaald werk vinden, en zijn collectief getraumatiseerd. Kortom: een uitzichtloos bestaan. Het is dan ook niet vreemd dat vrijwel iedere Jezidi weg wil, en dat iedere Jezidi die weg kon, inmiddels is vertrokken. Veelal via georganiseerde asielprogramma’s voor vrouwen en kinderen, bijvoorbeeld naar Duitsland en Canada, waar zij ook traumabehandeling kregen.

Voor zulke programma’s bleek in politiek Nederland geen animo, zelfs niet voor de meest schrijnende gevallen: vrouwen die kinderen kregen na verkrachting door IS. Maar Jezidi’s die Nederland op eigen kracht bereikten – met geleend geld, of door alles wat nog waarde had te verkopen nadat IS hen van alles beroofde – mochten wel blijven. Asielaanvragen werden dan ook goedgekeurd. Tot voor kort.

Na de verkiezingen van 2023, waarin de PVV de grootste werd, veranderde alles. In 2024 besloot toenmalig demissionair staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Eric van den Burg (VVD) dat Jezidi’s niet langer beschermd dienden te worden. De redenen: IS was verslagen, Irak zou ‘adequate opvang’ bieden en de algemene veiligheid zou ‘bestendig genoeg’ zijn. Inmiddels worden asielaanvragen van Jezidi’s in het hele land afgewezen. Een onbegrijpelijk besluit, zeker omdat een Kamermeerderheid in 2021 officieel erkende dat wat de Jezidi’s is overkomen genocide was, in navolging van het Europees Parlement dat dit al in 2016 deed.

Wat mij persoonlijk het meest raakt, is dat de Jezidi’s nauwelijks nog aandacht krijgen. Politieke en publieke figuren spreken zich enkel uit alleen wanneer het hen politiek of persoonlijk uitkomt, in het migratiedebat of bij discussies over islamitisch extremisme. Nu ze worden teruggestuurd, hoor je niemand. Zelfs toen de Jezidi’s in Nederland recent massaal de straat opgingen om te protesteren tegen de uitzettingen, bleef politiek Den Haag opvallend stil. Extra tenenkrommend: sommige partijen waren er wel altijd als de kippen bij om de Jezidi’s erbij te slepen (‘de echte slachtoffers’) wanneer het ging over het wel of niet terughalen van IS-vrouwen.

Haatcampagnes en discriminatie

Misschien is de veiligheidssituatie in Irak op papier stabieler dan in jaren. Maar op dat papiertje is geen rekening gehouden met de Jezidi’s. Zij leven er nog altijd als een gediscrimineerde minderheid in een overwegend islamitisch land, waar hardnekkige mythes blijven circuleren: dat Jezidi’s geen ‘mensen van het boek’ (lees: ongelovigen) zouden zijn, of zelfs duivelaanbidders.

Eens in de zoveel tijd laait de haat weer op, aangewakkerd door radicalen. Kortgeleden nog werden Jezidi’s opnieuw doelwit van haatcampagnes en verdachtmakingen, onder meer door islamitische geestelijken en ook Iraakse en Koerdische bestuurders, nadat het gerucht ging dat Jezidi’s een moskee hadden aangevallen. Organisaties als Yazda documenteerden rond de tiende herdenking van de genocide in augustus 2024 een sterke toename van online haat, bedreigingen en hetzes tegen Jezidi’s nadat een Jezidi-commandant een opmerking over de islam had gemaakt. De situatie was zo dreigend dat Jezidi’s met duizenden tijdelijk terugvluchten naar de puinhopen in Sinjar.

En dan heb je nog de alledaagse discriminatie. Van ‘ze eten ons eten niet’ tot ‘moslimdokters weigeren ons te behandelen’; van uitsluiting op de arbeidsmarkt tot op straat uitgescholden worden voor ‘duivelaanbidder’: het zijn verhalen die ik keer op keer hoorde. Discriminatie was er altijd al, is nooit verdwenen, en ik zie het ook niet miraculeus verdwijnen.

Hoeveel Jezidi’s er worden afgewezen, is niet precies bekend, omdat zij in de statistieken als Irakezen worden geregistreerd. Ze worden teruggestuurd naar kampen in Iraaks-Koerdistan. Dat dit kan gebeuren, zegt alles over de onwetendheid of desinteresse van politiek Den Haag tegenover deze bedreigde minderheid. Jezidi’s horen niet thuis in Iraaks-Koerdistan, maar in Sinjar, een betwist gebied dat je kunt zien als een land binnen een land. Ze zijn geen Arabieren en geen Koerden; vrijwel alle Jezidi’s omschrijven zichzelf als een volledig afzonderlijke etnisch-religieuze groep, ouder dan alle huidige religies en volkeren.

Nieuw gevaar

Duizenden IS-leden en sympathisanten die bij de genocide betrokken waren, onder wie ook Europeanen, zijn nooit vervolgd. Sterker nog: terwijl bij Jezidi’s in Nederland de asielafwijzingen binnenstromen, lopen veel Nederlandse IS-vrouwen alweer vrij en blij op straat. Van de week diende zelfs het hoger beroep van Hasna A., de Nederlandse uitreiziger die probeerde haar straf te laten verlagen. De vrouw uit Hengelo kreeg alsof nog tien jaar gevangenisstraf opgelegd omdat zij in het Raqqa een Jezidi als slaaf in huis hield, een daad die door de rechter is aangemerkt als een misdaad tegen de menselijkheid.

Ondertussen leven slachtoffers van slavernij in Irak nog altijd wegkwijnend in tenten, zonder bescherming en zonder perspectief. In Sinjar genieten Jezidi’s nauwelijks veiligheid en mogen zij niet eens hun eigen burgemeester kiezen. Nog altijd worden zo’n 2.500 vrouwen en kinderen vermist. Daarom spreken Jezidi’s zelf van een voortdurende genocide.

Ik kan hier nog veel over vertellen, bijvoorbeeld over de integratie van Jezidi’s in landen als Nederland en Duitsland: dat ze snel de taal leren, hoge diploma’s behalen en vaak een soort ‘onzichtbare migranten’ zijn, aangezien ik in al die jaren nog nooit overlast van hen heb gehoord. Maar dat zijn persoonlijke observaties en niet relevant voor het punt dat gemaakt moet worden: dat Jezidi’s simpelweg niet veilig zijn in Irak.

Het beleid moet worden teruggedraaid. Niet morgen, maar nu. Omdat, en laat ik de Jezidi’s voor de verandering weer eens quoten, het gevaar van een ‘nieuwe firman’ altijd op de loer op ligt. ‘Het is alleen de vraag of het vandaag of morgen gebeurt.’

Bedankt voor het lezen! Mijn verhalen zijn gratis te lezen, maar er gaat veel werk in zitten. Een donatie wordt enorm gewaardeerd. Het bedrag kun je zelf invullen.

Donate € -
Please follow and like us:
error9
fb-share-icon20
Tweet 20
fb-share-icon20

You Might Also Like

Back to top